FarmaKaj Logo
Bacteriële huidinfecties

Impetigo

Diagnostiek en behandeling van impetigo (krentenbaard) volgens NHG-Standaard Bacteriële huidinfecties (M68): klinisch beeld, lokale en orale behandeling, recidiverende impetigo en impetiginisatie.
Deze pagina is een samenvatting van de NHG-Standaard Bacteriële huidinfecties (M68, versie 2.1, juni 2024).
Voor anamnese, risico-inschatting en verwijscriteria, zie Diagnostiek & algemeen beleid.

Kernpunten

  • Impetigo (krentenbaard) is een besmettelijke, oppervlakkige huidinfectie; verwekker is meestal Staphylococcus aureus, in ongeveer 10% Streptococcus pyogenes of een menginfectie.
  • Komt vooral voor bij kinderen < 12 jaar; voorkeurslokatie is het gelaat.
  • Het natuurlijk beloop is gunstig. Het besmettingsrisico is verhoogd in de periode vóór het indrogen van de erupties.
  • Behandeling versnelt de genezing en vermindert het besmettingsrisico:
    • lokaal fusidinezuurcrème bij enkele laesies
    • oraal flucloxacilline bij uitgebreide laesies
  • Gebruik van antiseptica en desinfectantia wordt niet aanbevolen (gebrek aan bewijs).
  • Weren van school of kinderdagverblijf is niet standaard nodig.
  • Therapeutisch doel:
    • genezing van de laesies en voorkómen van besmetting van anderen.
    • bij recidieven: eradicatie van S. aureus-dragerschap om nieuwe episoden te voorkomen.

Klinisch beeld

  • Impetigo vulgaris ('impetigo crustosa'): laesies met geelbruine korsten op een erythemateuze bodem.
  • Impetigo bullosa: komt weinig voor; blaarvorming bepaalt het beeld.

Impetigo komt soms in epidemieën voor op scholen of binnen een gezin.

Van impetiginisatie is sprake wanneer een bestaande dermatose (meestal eczeem) geïnfecteerd raakt. Behandel de impetiginisatie als impetigo en behandel daarna zo mogelijk de onderliggende aandoening (zie Constitutioneel eczeem).

Behandeling

Adviseer medicamenteuze behandeling, omdat dit sneller tot genezing leidt en het risico op besmetting sneller vermindert.

  1. Beperkt tot enkele laesies: fusidinezuurcrème 20 mg/g 3 dd, maximaal 2 weken.
  2. Uitgebreide laesies of geen verbetering na lokale behandeling: flucloxacilline 7 dagen.
    Bij penicilline-overgevoeligheid: claritromycine of clindamycine 7 dagen.

Voor doseringen, zie Antibioticadoseringen.

Recidiverende impetigo

  • Ga na of er sprake is van slechte therapietrouw of hygiëne.
  • Overweeg screening op dragerschap van S. aureus bij patiënt en familieleden.
  • Geef bij aangetoond dragerschap mupirocinecrème 20 mg/g 3 dd gedurende 1 week, aan te brengen in het vestibulum nasi; evalueer het effect na 3 maanden.
  • Voor behandeling van MRSA-dragerschap, zie de SWAB-richtlijn Behandeling MRSA-dragers.

Weren van school of kinderdagverblijf

Weren van een kind is doorgaans niet nodig. Alleen in uitzonderingsgevallen kan de GGD adviseren een kind te weren (bijvoorbeeld bij meerdere gevallen in de groep), en pas weer toe te laten als de behandeling heeft plaatsgevonden of de blaasjes zijn ingedroogd.

Copyright © 2026 Kaj Kowalski