Vitamine D-deficiëntie
december 2026), de NHG-LESA Laboratoriumdiagnostiek — vitamine D-deficiëntie (2021, aanpassing september 2025), de NHG-Standaard Fractuurpreventie (M69, versie 3.0, 2024) en het Farmacotherapeutisch Kompas (indicatie Vitamine D-deficiëntie bij ouderen). Gebruik lokaal protocol en klinisch oordeel bij spoed, afwijkend beloop of diagnostische twijfel.Kernpunten
- Streefwaarde calcidiol (
25-OH-vitamine D):≥ 30 nmol/lvoor personen< 70 jaar,≥ 50 nmol/lvoor ouderen≥ 70 jaar. - Bepaal calcidiol niet routinematig. Alleen zinvol bij onduidelijke zonlichtblootstelling, indicatie voor medicamenteuze fractuurpreventie of klachten passend bij osteomalacie (diffuse bot-/spierpijn, proximale spierzwakte).
- Preventieve suppletie volgens Gezondheidsraad:
800 IE/dag(= 20 microg/dag) colecalciferol bij alle personen≥ 70 jaaren bij andere risicogroepen — onafhankelijk van de spiegel. - Behandeling deficiëntie bij ouderen
≥ 70 jaar:- calcidiol
35-50 nmol/l→ dagelijkse/wekelijkse/maandelijkse onderhoudsdosis, geen oplaad nodig. - calcidiol
< 35 nmol/l(ernstige deficiëntie) → wekelijkse oplaaddosis op basis van het berekende tekort (Ephor-formule), daarna onderhoud; alternatief schema8 wekenals spiegelcontrole niet mogelijk is.
- calcidiol
- Calcium: voeding heeft de voorkeur boven suppletie (
≥ 4 zuiveleenheden = 1000-1200 mg/dag). Bij kwetsbare ouderen: suppletie maximaal500 mg/dagvanwege mogelijk cardiovasculair risico. - Bij eGFR
< 15 ml/min/1,73 m²: voeg alfacalcidol toe aan colecalciferol; calcidioldiagnostiek niet routinematig. - Stop calcium en vitamine D bij geschatte resterende levensverwachting
≤ 1 jaar— geen afbouw nodig. - Vermijd periodieke hoge doses (bv. jaarlijkse bolus) — mogelijk verhoogd valrisico.
- Geen vergoeding vitamine D vanuit basispakket sinds
1 januari 2023; goedkoopst is dagelijks zelfzorg-colecalciferol.
Achtergrond
Definities en streefwaarden
| Groep | Streefwaarde calcidiol | Deficiënt |
|---|---|---|
Personen < 70 jaar | ≥ 30 nmol/l | < 30 nmol/l |
Ouderen ≥ 70 jaar | ≥ 50 nmol/l | < 50 nmol/l |
Ouderen ≥ 70 jaar, ernstig deficiënt | — | < 35 nmol/l (oplaadindicatie) |
Hogere streefwaarden (60, 75, 100 nmol/l) circuleren in de literatuur, maar er is onvoldoende bewijs voor toegevoegde waarde op klinisch relevante uitkomsten (vallen, spierkracht, fracturen).
Fysiologie
- Belangrijkste bron: aanmaak in de huid (vitamine D3) onder invloed van UVB. Lagere aanmaak bij gepigmenteerde of oudere huid.
- Inname via voeding levert hooguit
25%van de dagelijkse behoefte. - Lever: vitamine D →
25-OH-vitamine D(calcidiol). Nier: calcidiol →1,25-(OH)2-vitamine D(calcitriol, actieve vorm). - Voorraad bouwt zich vooral op in lente en zomer.
Risicogroepen
- ouderen
≥ 70 jaar, in het bijzonder verpleeghuisbewoners - aan huis gebonden personen, ziekte van Parkinson
- donkere huidskleur, bedekkende kleding
- kinderen
< 4 jaar - zwangerschap en lactatie
Symptomen
- meestal asymptomatisch
- ernstig tekort → osteomalacie: zwak, pijnlijk bot; proximale spierzwakte; spierpijn
- bij ouderen: bijdragen aan osteoporose en verhoogd fractuurrisico
- veel geclaimde extraskeletale associaties (auto-immuunziekten, infecties, DM2, HVZ, carcinomen) — causaal verband niet bewezen
Diagnostiek
Indicaties calcidiolbepaling
Volgens LESA Laboratoriumdiagnostiek:
- onduidelijk of voldoende zonlichtblootstelling én geen andere indicatie voor suppletie
- indicatie voor medicamenteuze fractuurpreventie
- klachten passend bij osteomalacie: diffuse bot- en spierpijn, proximale spierzwakte (overweeg verwijzing)
Geen routinebepaling bij:
- algemene moeheidsklachten
- aspecifieke spierpijn zonder proximaal patroon
- patiënten met (chronische) nierschade — calcidioldiagnostiek wordt niet langer routinematig aanbevolen
Aanvullend onderzoek bij oplaaddosis
- controleer serumcalcium bij oplaadschema
- bij nierinsufficiëntie + suppletie: controleer calcium en fosfaat
Preventieve suppletie (Gezondheidsraad)
Onafhankelijk van de spiegel; gericht op het bereiken van de streefwaarde:
| Groep | Dosering colecalciferol |
|---|---|
Personen ≥ 70 jaar | 800 IE/dag (= 20 microg/dag) |
Aan huis gebonden, donkere huid, bedekkende kleding (> 50 jaar) | 800 IE/dag |
Volwassenen < 70 jaar met risicofactor | 400 IE/dag (= 10 microg/dag) |
| Zwangeren | 400 IE/dag |
Kinderen < 4 jaar | 400 IE/dag (zie vitamine D-stroomdiagram) |
800 IE/dag standaard.Behandeling vitamine D-deficiëntie bij ouderen ≥ 70 jaar
Bepaal calcidiolspiegel als indicatie bestaat
Voor een passend doseringsregime is de spiegel behulpzaam. Niet altijd noodzakelijk: bij sterke klinische verdenking en onmogelijkheid tot lab kan een alternatief oplaadschema worden gegeven (zie hieronder).
Calcidiol 35-50 nmol/l — onderhoudsdosering, geen oplaad
Geef colecalciferol 800 IE 1 dd (of equivalent wekelijks/maandelijks).
Calcidiol < 35 nmol/l — ernstige deficiëntie
Bereken het vitamine D-tekort (Ephor-formule) en geef een wekelijkse oplaaddosis tot het tekort is aangevuld. Daarna onderhoudsdosering.
Alternatief — als spiegelcontrole niet mogelijk of niet wenselijk is, maar wel sterke verdenking deficiëntie:
- colecalciferol
25 000 IEper week gedurende8 weken(zie FK), gevolgd door onderhoudsdosering800 IE/dag.
Controleer spiegel na 6 maanden
- calcidiol
> 50 nmol/l→ onderhoud handhaven. - calcidiol
< 50 nmol/l→ dosering verhogen.
Bij eGFR < 15 ml/min/1,73 m²
Behandel conform stap 2-3 (colecalciferol blijft nodig voor autocriene functie) én voeg alfacalcidol toe.
Controleer serumcalcium en fosfaat. Zie ook chronische nierschade voor verdere monitoring.
Receptvoorbeeld — onderhoudsdosis
/**
* Vrouw, 78 jr, niet aan huis gebonden, geen osteoporosemedicatie.
* Preventieve suppletie conform Gezondheidsraad.
*/
R/ colecalciferol tablet 800 IE
Da/ 90 tabletten
S/ 1 dd 1 tablet bij maaltijd, langdurig
# zelfzorg; sinds 1 jan 2023 niet meer vergoed uit basispakket
Receptvoorbeeld — oplaadschema 8 weken
/**
* Man, 82 jr, verpleeghuis. Spierzwakte + bot-/spierpijn.
* Sterke verdenking deficiëntie; lab niet wenselijk.
*/
R/ colecalciferol drank 50 000 IE/ml
Da/ 1 flacon 4 ml
S/ 1× per week 0,5 ml (= 25 000 IE) gedurende 8 weken
#! daarna overzetten op onderhoud 800 IE 1 dd
# controleer serumcalcium bij oplaad
Calcifediol
Calcifediol (capsule 0,266 mg) is sinds augustus 2021 in de handel — sneller herstel van de calcidiolspiegel dan colecalciferol. Nog niet opgenomen in NHG-richtlijnen of Ephor-app; gebruik zelden in de eerste lijn.
Calcium- en vitamine D-suppletie bij fractuurpreventie
Categorisatie ouderen ≥ 70 jaar op basis van geschatte resterende levensverwachting:
| Categorie | Geschatte levensverwachting |
|---|---|
| Gering | ≤ 1 jaar |
| Kwetsbaar | 1-5 jaar |
| Vitaal | ≥ 5 jaar |
Continueer suppletie bij
- andere osteoporosemedicatie (bisfosfonaat, denosumab, romosozumab): calcium + vitamine D nodig — kans op hypocalciëmie zonder suppletie, vooral bij zoledronaat en denosumab.
- primaire osteoporose (
T-score ≤ -2,5): calcium500 mg/dag(tenzij voldoende inname via voeding) + colecalciferol800 IE/dag. - secundaire osteoporose door corticosteroïden (
> 7,5 mg prednisolonequivalent/daglangdurig): colecalciferol800 IE/dag+ bij onvoldoende voedingsinname calciumtot 1000 mg/dag, in combinatie met bisfosfonaat. - osteomalacie.
- vastgestelde vitamine D- of calciumdeficiëntie: dosering afhankelijk van bevinding.
Continueer vitamine D bij
- risicofactoren voor deficiëntie (m.n. aan huis gebonden, ziekte van Parkinson) → colecalciferol
800 IE/dag.
Overweeg minderen of stoppen
Gering geschatte levensverwachting (≤ 1 jaar)
Stop calcium en vitamine D bij iedereen. Beoogd effect is langetermijn — geen verwachte meerwaarde, geen direct negatief effect bij stoppen.
Kwetsbare ouderen op hoge dosis calcium (> 500 mg/dag)
Verlaag tot maximaal 500 mg/dag vanwege mogelijk dosisafhankelijk cardiovasculair risico (NNH 166).
Voldoende calciuminname via voeding (≥ 4 zuiveleenheden, 1000-1200 mg/dag)
Stop calciumsuppletie, continueer alleen vitamine D als indicatie blijft bestaan.
Obstipatie of gastro-intestinale bijwerkingen mogelijk door calcium
Overweeg stoppen calcium. Adviseer voldoende inname via voeding. Herbeoordeel klachten na 2-4 weken.
Wijze van afbouw
1 keer worden gestopt. Geen afbouwschema nodig.Effectiviteit en risico's
Effectiviteit
- Gecombineerd calcium + vitamine D → reductie niet-vertebrale fracturen
10-20%.- hoogrisico (zorginstelling):
NNT 111 - laagrisico (zelfstandig wonend):
NNT 1000
- hoogrisico (zorginstelling):
- Vitamine D solitair → geen duidelijk effect op vallen, fracturen, HVZ of kanker (Avenell
2014, VITAL2022, USPSTF2018). - Calcium solitair → geen consistent effect op fracturen; klein effect op botdichtheid zonder klinische vertaling.
- Mogelijk klein effect op mortaliteit bij vitamine D:
NNT 150gedurende5 jaar(Bjelakovic2014).
Risico's calciumsuppletie
- Cardiovasculair: dosisafhankelijk verhoogd risico op hart- en herseninfarcten in meerdere meta-analyses (
+20-30%,NNH 166), vooral bij700-1000 mg/dag. Onderzoek niet eenduidig — bij kwetsbare ouderen advies: maximaal500 mg/dag. - Gastro-intestinaal: obstipatie en maagdarmklachten bij tot
10%.
Risico's vitamine D
- meestal mild
- hypercalciëmie (
NNH 217) — m.n. bij calcitriol - maagdarmklachten (
NNH 172) en nierproblemen (NNH 345) bij gecombineerd gebruik met calcium - periodieke hoge bolus (bv. jaarlijks
500 000 IE) → verhoogd valrisico — vermijden
Controles
Na start oplaadschema
Controleer serumcalcium in oplaadfase.
Na 6 maanden onderhoud
Bepaal calcidiol bij ouderen ≥ 70 jaar met behandelde deficiëntie. Pas dosering aan op uitslag.
Verder beloop bij stabiele instelling
Geen routinematige controle van de calcidiolspiegel. Volg klinisch op klachten.
Bij gecombineerd Ca + vitD en (langdurige) suppletie
Overweeg jaarlijks serumcalcium en eGFR, zeker bij nierfunctiestoornis of comorbiditeit.
Verwijscriteria
Verwijs (of overleg) bij:
- vermoeden osteomalacie zonder duidelijke deficiëntie → internist / endocrinoloog
- malabsorptie als oorzaak (coeliakie, bariatrische chirurgie, IBD met uitgebreide darmresectie) → MDL / internist
- ernstige nierinsufficiëntie (
eGFR < 30 ml/min/1,73 m²) met persisterende deficiëntie ondanks suppletie → internist-nefroloog - vermoeden primaire of secundaire hyperparathyreoïdie bij hypercalciëmie tijdens suppletie → internist-endocrinoloog
- persisterende ernstige spierklachten ondanks adequate suppletie → internist
Buiten de scope van deze pagina
- Diagnostiek en behandeling van osteoporose en fractuurpreventie — zie NHG-Standaard Fractuurpreventie (M69,
2024). - Calciumzouten als fosfaatbinder bij nierinsufficiëntie — zie chronische nierschade.
- Vitamine D bij bariatrische chirurgie — specifieke postoperatieve protocollen.
- Suppletie bij kinderen — andere doseringen en streefwaarden.
Bron
- Ephor / SIR Instituut. Kennisdocument Calcium en vitamine D (MDR Polyfarmacie, module Minderen en stoppen van medicatie). Gepubliceerd
december 2020, geactualiseerddecember 2026. Multidisciplinaire kernwerkgroep: NVKG, NHG, KNMP, Ephor, SIR. Via richtlijnen.nhg.org. - NHG-LESA Laboratoriumdiagnostiek — Vitamine D-deficiëntie. NHG,
2021, aanpassingseptember 2025. Via richtlijnen.nhg.org. - NHG-Standaard Fractuurpreventie (M69), versie
3.0. NHG,2024. Werkgroep: Elders PJ, Dinant GJ, Van Geel T, Maartens LW, Merlijn T, Geijer RM, e.a. - Ephor. Standpunt Colecalciferol (vitamine D3). Geraadpleegd
september 2025. Via ephorapp.nl. - Ephor / SIG Farmacotherapie bij ouderen. Standpunt cardiovasculaire veiligheid van calciumsuppletie bij osteoporose bij kwetsbare ouderen. Utrecht,
2018. - NHG/NIV. Richtlijn Chronische nierschade (CNS),
2018. Via richtlijnendatabase.nl. - Gezondheidsraad. Evaluatie van de voedingsnormen voor vitamine D,
2012; Voedingsnormen voor vitamines en mineralen voor volwassenen,2018. - Farmacotherapeutisch Kompas, indicatietekst Vitamine D-deficiëntie bij ouderen. Geraadpleegd via farmacotherapeutischkompas.nl.
- Aanvullende literatuur: Avenell
2014(Cochrane), Bjelakovic2014, Bolland2010/2015/2018, Curtin2021(STOPPFrail v2), Elders2015, LeBoff / Manson2022(VITAL), Myung2021, Reid2017, Sanders2010, Tenni2019, USPSTF2018, Lips2020(NTvG).
Hypothyreoïdie
Samenvatting van de NHG-Standaard Schildklieraandoeningen (M31): diagnostiek, behandeling met levothyroxine, subklinische hypothyreoïdie, zwangerschap en verwijscriteria.
Geneesmiddelallergie
Herkennen en onderscheiden van geneesmiddelovergevoeligheid (bijwerking, pseudo-allergie, echte allergie), Gell-Coombs-indeling, anafylaxiebeleid met adrenaline, vastleggen en de-labellen, en verwijscriteria.