COPD
Kernpunten
- Overweeg COPD vooral bij
(ex-)rokers > 40 jaarmet geleidelijk progressieve dyspneu, hoesten of sputum. - Diagnose vraagt
persisterende obstructieop spirometrie na bronchusverwijding, bevestigd in2metingen met> 4-6 wekenertussen. - Beleid richt zich op
4subdomeinen van ziektelast: klachten/beperkingen, longaanvallen, voedingstoestand en longfunctie. - Stoppen met roken is veruit de belangrijkste interventie.
- Luchtwegverwijders verminderen klachten, maar remmen daling van
FEV1niet. - Overweeg
ICSalleen bij frequente longaanvallen ondanks langwerkende luchtwegverwijders.
Klinisch Beeld
Denk aan COPD bij:
- dyspneu, vaak geleidelijk progressief
- chronisch hoesten, al dan niet met sputum
- piepen of inspanningsbeperking
- recidiverende longaanvallen
- relevante rook- of stofexpositie
Extra aandacht bij atypisch beeld:
- leeftijd
< 40 jaar - geringe rookhistorie
- forse discrepantie tussen klachten en spirometrie
- aanwijzingen voor astma, hartfalen, restrictie, bronchiëctasieën of maligniteit
Diagnostiek
Anamnese
Vraag naar:
- aard, frequentie en progressie van dyspneu, hoest en sputum
- rookstatus, packyears, meeroken
- beroepsmatige of andere blootstelling aan stof, gassen, dampen of rook
- invloed op functioneren, werk, sport, slaap en kwaliteit van leven
- eerdere longaanvallen, prednisolonkuren en ziekenhuisopnames
- gewichtsverlies, spierkrachtverlies en inspanningstolerantie
- comorbiditeit zoals cardiovasculaire ziekte, diabetes, angst of depressie
- familieanamnese met COPD of alfa-1-antitrypsinedeficiëntie
Lichamelijk Onderzoek
Let op:
- ademarbeid, ademfrequentie, cyanose, hulpademhalingsspieren
- verlengd expirium, expiratoir piepen, crepitaties
- hartfrequentie, ritme, souffles
- saturatie bij ernstige dyspneu
- gewicht, lengte,
BMIen onbedoeld gewichtsverlies - tekenen van hartfalen, zoals perifeer oedeem
Aanvullend Onderzoek
Spirometrie
- Verricht diagnostische spirometrie bij verdenking COPD.
- Meet
FVC,FEV1, flow-volumecurve enFEV1/FVCvoor en na gestandaardiseerde bronchusverwijding. - Obstructie:
FEV1/FVC Z-score < -1,64na bronchusverwijding. - Herhaal spirometrie na
6 wekenbij lichte afwijking of twijfel. - Bij twijfel astma versus COPD: herhaal liefst tijdens klachten.
Mogelijke restrictie
FVC Z-score < -1,64kan passen bij restrictie, maar vaak is techniek de boosdoener.- Herhaal spirometrie met extra aandacht voor volledige uitademing.
- Verwijs bij herhaalde aanwijzing voor restrictie zonder duidelijke verklaring.
Overig
- Overweeg
ECGenBNP/NT-proBNPbij twijfel tussen COPD en hartfalen. - Maak geen routinematige
X-thoraxvoor COPD-diagnostiek. - Overweeg wel
X-thoraxbij discrepantie tussen klachten en spirometrie of verdenking andere pathologie.
Diagnose
Criteria die samen passen bij COPD:
- leeftijd
> 40 jaar - dyspneu en/of hoesten al dan niet met sputum
- relevante rookhistorie of andere relevante expositie
- persisterend afwijkende
FEV1/FVCna bronchusverwijding - bevestiging bij
2metingen met interval> 4-6 weken
COPD is minder waarschijnlijk bij normale FEV1/FVC na bronchusverwijding.
Differentiaaldiagnose
- astma of astma-COPD-overlap
ACO - hartfalen
- restrictieve longziekten of interstitiële longziekte
- obesitasgerelateerde dyspneu of
OSA - bronchiëctasieën
- longembolie, pneumothorax of longcarcinoom
Ziektelast
Beoordeel 4 subdomeinen:
- klachten en beperkingen:
MRC >= 3ofCCQ >= 2 - longaanvallen:
>= 2/jaarbehandeld met orale corticosteroïden of>= 1ziekenhuisopname wegens COPD - voedingstoestand:
BMI < 21 kg/m2of ongewenst gewichtsverlies> 5%/maandof> 10%/6 maanden - longfunctie:
FEV1 < 50%voorspeld of< 1,5 l, of progressieve daling
Indeling:
- lichte ziektelast: geen afwijkend subdomein
- verhoogde ziektelast:
>= 1afwijkend subdomein
Behandeling
Doelen:
- prognose verbeteren
- ziektelast verlagen
- persoonlijke behandeldoelen formuleren
- longaanvallen voorkomen
Niet-medicamenteus
- bied intensieve begeleiding bij stoppen met roken
- stimuleer bewegen:
>= 150 min/weekmatig intensief - overweeg fysiotherapie bij verhoogde ziektelast of fysieke beperkingen
- bespreek zelfmanagement en maak zo nodig individueel zorgplan
- maak bij verhoogd risico een schriftelijk longaanval-actieplan
- let op voedingstoestand, psychosociale gevolgen en werkproblemen
- vaccineer jaarlijks tegen influenza en volgens programma tegen pneumokokken
- voer cardiovasculair risicomanagement uit
Inhalatiebeleid
TIP: therapietrouw, inhalatietechniek, prikkelblootstelling. Booga haat schijn-falen.Stappenplan
| Situatie | Stap |
|---|---|
| Infrequente dyspneu, geen longaanvallen | SABA of SAMA zo nodig |
| Regelmatige dyspneu, hinder of beperkingen | LAMA of LABA onderhoud |
| Persisterende klachten ondanks monotherapie | LAMA + LABA |
>= 2 longaanvallen/jaar ondanks langwerkende luchtwegverwijder(s) | Overweeg ICS |
Praktische punten
- Kies inhalator samen met patiënt; aerosol altijd met voorzetkamer.
- Combineer geen
SAMA + LAMAen geenSABA + LABA. - Wisselen tussen
LAMAenLABAbij onvoldoende effect helpt meestal weinig; ga dan eerder naar duotherapie. - Gebruik bij combinatietherapie eerst liefst losse middelen om effect en bijwerkingen te beoordelen.
ICS
- Overweeg
ICSvoor1 jaarbij frequente longaanvallen ondanks onderhoudsbehandeling. - Als patiënt weinig klachten heeft maar wel longaanvallen:
LAMAkan voldoende zijn. - Evalueer na
1 jaar; continueer alleen bij duidelijke afname van longaanvallen. - Staak
ICSals effect uitblijft of bij langdurig uitblijven van longaanvallen. - Stoppen kan in
1keer; controleer na1-2 maanden.
Niet aanbevolen in de eerste lijn
- onderhoud met orale corticosteroïden
- onderhoudsantibiotica
- acetylcysteïne als COPD-behandeling
- starten met roflumilast, azitromycine of theofylline
Monitoring
Doel van controle:
- evalueer
4subdomeinen van ziektelast - bespreek rookstatus, bewegen en zelfmanagement
- controleer inhalatietechniek, therapietrouw en bijwerkingen
- stel beleid per subdomein bij
Frequentie als vuistregel:
- lichte ziektelast: jaarlijks
- verhoogde ziektelast: minimaal
2x/jaar
Spirometrie in Monitoring
- roker met lichte ziektelast:
1x per 3 jaar - roker met verhoogde ziektelast: jaarlijks
- ex-roker met verhoogde ziektelast:
1x per 3 jaar - niet-/ex-roker met lichte ziektelast: meestal geen routine-spirometrie
Normale fysiologische daling is gemiddeld <= 35 ml FEV1/jaar over >= 3 jaar.
Longaanval
ABCDE instabiel met cyanose, uitputting of bewustzijnsdaling: bel direct ambulance, geef zuurstof indien beschikbaar en start spoedbehandeling volgens protocol.Ernstige longaanval
Ernstig bij >= 1 van:
- dyspneu in rust, geen hele zin kunnen spreken, niet plat kunnen liggen
- hoge ademarbeid of gebruik hulpademhalingsspieren
- hartfrequentie
> 100/min - saturatie
< 92%, tenzij bekend lagere uitgangswaarde
Behandeling
Bij ernstige longaanval:
- Geef salbutamol via voorzetkamer of vernevel.
- Voeg bij onvoldoende effect ipratropium toe.
- Geef
prednisolon 40 mg 1 ddgedurende5 dagen, zo nodig langer tot maximaal14 dagen. - Overweeg antibiotica bij infectieuze tekenen, kwetsbare patiënt of passend eerder beloop.
- Controleer bij voorkeur volgende dag.
Bij minder ernstige longaanval:
- verhoog tijdelijk dosering luchtwegverwijders
- overweeg prednisolon afhankelijk van dyspneu
- maak controleafspraak
Verwijs met spoed bij:
- geen verbetering na inhalaties
- onvoldoende zorgmogelijkheden thuis
- ernstige comorbiditeit
- risicofactoren voor ernstig beloop zoals leeftijd
>= 65 jaarof eerdere opname
Verwijzen of consulteren
Verwijs naar of consulteer longarts/kaderhuisarts bij:
- twijfel aan diagnose of discrepantie tussen klachten en bevindingen
- blijvende twijfel tussen COPD en hartfalen
- COPD op leeftijd
<= 50 jaar - snel progressief beloop of sterke
FEV1-daling FEV1 < 50%voorspeld of< 1,5 londanks optimale behandeling- blijvend verhoogde ziektelast ondanks optimale behandeling
>= 2longaanvallen/jaar ondanks duo- of tripletherapie- verminderde voedingstoestand of ongewenst gewichtsverlies
- complexe comorbiditeit, psychosociale problemen of forse werkproblemen
Bron
Bron: NHG-Richtlijn COPD
Astma bij volwassenen
Samenvatting van de NHG-richtlijn over diagnostiek, behandeling, monitoring en longaanvallen bij astma bij volwassenen.
Luchtweginfectie
Samenvatting van de NHG-Standaard Acuut hoesten (M78) voor acuut hoesten bij een luchtweginfectie zonder pneumonie: indeling met/zonder risicofactoren, diagnostiek, voorlichting en terughoudend medicamenteus beleid.