Endocrinologie
Casus 2: DM2 en angina pectoris
Voorbereidingscasus over een hoogrisicopatiënt met DM2 en angina pectoris.
Relevante naslag: Diabetes mellitus type 2
Casus
Algemene patiëntinformatie
| naam | Mw. Desi Awadh |
| leeftijd | 53 jaar |
| geslacht | vrouw |
| burgerlijke staat | getrouwd |
| kinderen | 4 |
| beroep | content creator |
| intoxicaties | - |
| allergie | - |
| zwangerschap/lactatie | - |
| overige | - |
| positie | huisarts |
Samenvatting voorgeschiedenis en huidige gezondheidsstatus
2 jaargeleden: angina pectoris3 maandengeleden: diabetes mellitus type 2
Huidige medicatie
80 mg 1 dd- Isosorbidedinitraat sublinguale tablet 5 mg z.n. bij pijn op de borst- Atorvastatine tablet 40 mg 1 ddEssentie huidige bevindingen
- Mevrouw is langere tijd bekend met angina pectoris.
- Recent is bij haar de diagnose diabetes mellitus gesteld; ze zegt alle leefstijladviezen opgevolgd te hebben, toch blijft het
HbA1cte hoog. - Ze heeft veel gehoord over intermitterend vasten en vraagt zich af of dit een goed dieet is voor haar.
- Vandaag komt mevrouw om te bespreken wat het beleid gaat worden.
Lichamelijk en aanvullend onderzoek
BMI 29,RR 135/82 mmHg- Bloedglucose nuchter
9 mmol/L(capillair; nuchter< 6,1 mmol/L) HbA1c 70 mmol/mol(streef< 53 mmol/mol)eGFR > 90 ml/min/1,73 m²,ACR < 3 mg/mmol- Alleen afwijkende bevindingen zijn genoemd; overige bevindingen mogen als normaal worden beschouwd.
Werkdiagnose
- Diabetes mellitus type 2, onvoldoende reagerend op leefstijladviezen.
Samenvatting
- Mw. Awadh (
53), DM2 sinds3 maanden, leefstijladviezen opgevolgd maarHbA1c 70 mmol/mol:br blijft ruim boven streefwaarde (< 53 mmol/mol); nuchtere glucose9 mmol/L. - Voorgeschiedenis: angina pectoris (
2 jaar) = doorgemaakte hart- en vaatziekte → zeer hoog
cardiovasculair risico. - Niet kwetsbaar, ruime levensverwachting,
eGFR > 90 ml/min/1,73 m²,ACR < 3 mg/mmol:
voldoet aan de randvoorwaarden voor het intensieve stappenplan. BMI 29,RR 135/82 mmHg. Geen intoxicaties, geen allergieën, geen zwangerschap/lactatie.- Medicatie: acetylsalicylzuur
80 mg 1 dd, isosorbidedinitraat5 mg z.n., atorvastatine40 mg 1 dd. - Vraag patiënt over intermitterend vasten.
- Therapeutisch doel:
- voorkomen of vertragen van micro- en macrovasculaire complicaties, m.n. progressie van de
bekende hart- en vaatziekte. HbA1crichting de individuele streefwaarde (< 53 mmol/mol) zonder hypoglykemieën en zonder
onaanvaardbare bijwerkingen.- behoud van kwaliteit van leven; leefstijl als fundament.
- voorkomen of vertragen van micro- en macrovasculaire complicaties, m.n. progressie van de
Mogelijkheden
Richtlijn: NHG-Standaard Diabetes mellitus type 2.
Niet-medicamenteus
- Continueer en bekrachtig leefstijl: niet-roken, voldoende bewegen, gewichtsreductie bij
BMI 29,
gezonde voeding. Dit blijft het hele beloop de basis. - Bespreek intermitterend vasten: er is geen bewijs dat het bij DM2 superieur is aan een algemeen
gezond, energiebeperkt voedingspatroon. Bij een vrouw met cardiovasculaire comorbiditeit zonder
bloedglucoseverlagende medicatie met hypo-risico is het op zich niet gevaarlijk, maar het
verandert het beleid niet; verwijs zo nodig naar de diëtist. - Optimaliseer de overige cardiovasculaire risicofactoren (zie CVRM);
atorvastatine en acetylsalicylzuur lopen al.
Medicamenteus
Omdat leefstijl onvoldoende is om de streefwaarde te halen, is bloedglucoseverlagende medicatie
geïndiceerd. Bij zeer hoog risico geldt het intensieve stappenplan:
- Start een
SGLT2-remmer (bij contra-indicatie, bv.eGFR < 15:GLP1-agonist). - Voeg metformine toe.
- Voeg een
GLP1-agonist toe. - Voeg een middel uit het stappenplan zonder zeer hoog risico toe.
Argumentatie
Effectiviteit
- De
HbA1c-afstand tot de streefwaarde is70 − 53 = 17 mmol/mol; één middel volstaat niet altijd,
maar bij zeer hoog risico bepaalt niet de afstand maar het cardiovasculaire profiel de eerste keus. - Een
SGLT2-remmer geeft monotherapie eenHbA1c-daling van7-9 mmol/molen, los daarvan,
bewezen reductie van cardiovasculaire en renale uitkomsten bij patiënten met doorgemaakte HVZ. - Metformine (
HbA1c-daling ~13 mmol/mol) is de logische tweede stap; samen brengen ze hetHbA1cwaarschijnlijk binnen of dicht bij de streefwaarde.
Veiligheid, contra-indicaties en interacties
SGLT2****-remmer: geen intrinsiek hypoglykemie-risico als monotherapie; lage bijwerkingenlast.
Let op genitale mycose en (euglykemische) ketoacidose; terughoudend bij voetulcus en ondervoeding
(hier niet aanwezig).eGFR > 90ruim boven de start-eGFRvan≥ 15 ml/min/1,73 m².- Acetylsalicylzuur + atorvastatine: geen relevante interactie met een
SGLT2-remmer. - Ziektedag-regel: instrueer de patiënt de
SGLT2-remmer (en, na toevoegen, metformine)
tijdelijk te staken bij koorts, braken, diarree of dehydratie (risico op euglykemische
ketoacidose resp. lactaatacidose). - Gliclazide en insuline zijn hier ongewenst als eerste keus: hypoglykemie-risico en geen
cardiovasculaire winst, terwijl de patiënt juist een zeer hoog risico heeft.
Keuze
Niet-medicamenteus
- Continueer leefstijladviezen; verwijs zo nodig naar de diëtist en bespreek dat intermitterend
vasten het beleid niet vervangt. - Optimaliseer overige cardiovasculaire risicofactoren conform CVRM.
Medicamenteus
- Start een
SGLT2-remmer: dapagliflozine1 dd10 mg. - Voeg bij onvoldoende effect na enkele weken metformine toe (stap 2 van het intensieve stappenplan).
R/ Dapagliflozine tablet 10 mg
S/ 1 dd 1
Da/ 30 stuks
- Patiënt-instructie: inname
1 ddop een vast tijdstip, met of zonder voedsel; let op tekenen van
genitale infectie; staak tijdelijk bij koorts, braken, diarree of uitdroging en neem dan
contact op.
Controle
- Controle na 2-4 weken: verdraagzaamheid, glucosewaarden, tekenen van genitale infectie of
dehydratie; verhoog of intensiveer op geleide van nuchtere glucose enHbA1c. - Bepaal
HbA1copnieuw na 3 maanden; ga naar stap 2 (metformine toevoegen) als de streefwaarde
(< 53 mmol/mol) niet gehaald wordt. - Zet de jaarlijkse controles voort:
eGFR, kalium, albumine-creatinineratio, fundus, voeten en
cardiovasculaire klachten.