FarmaKaj Logo
Depressie & delier

Casus 1: matig ernstige depressie

Voorbereidingscasus over matig ernstige depressie niet reagerend op niet-medicamenteus beleid, met SMAK-uitwerking en vragen.

Relevante naslag: Depressie

Casus

Positie: huisarts.

Algemene patiëntinformatie
naamMw. Zonderlans
leeftijd45 jaar
geslachtV
burgerlijke staatgehuwd
kinderen-
beroepsecretaresse
intoxicatiesalcohol 6 EH/week; roken: -; drugs: -
allergie-
zwangerschap/lactatie-
overige-
Samenvatting voorgeschiedenis en huidige gezondheidsstatus
  • Sinds 7 jaar: diabetes mellitus type 2
  • 3 jaar geleden: lage rugklachten
  • Sinds 2 weken: depressie
Huidige medicatie
  • Paracetamol tablet 3 dd 1000 mg- Naproxen tablet 2 dd 250 mg- Metformine tablet 2 dd 500 mg
  • Essentie huidige bevindingen

    • Mw. Zonderlans komt met haar vriend volgens afspraak op het spreekuur.
    • 2 weken geleden voor het eerst gezien i.v.m. depressieve stoornis; toen gestart met voorlichting en dagstructuur.
    • Bij navragen gaat het alleen maar slechter.
    • Nog steeds sombere stemming en verliest meer plezier in hobby's.
    • Laatste dagen niet meer naar buiten geweest, komt nauwelijks uit bed, slecht concentreren.
    • Bang om op plekken te komen waar veel mensen tegelijk zijn.
    • Man zorgt voor haar en beaamt dat het slechter gaat.
    • Heeft soms gedachten aan de dood; geen specifiek plan; durft geen suïcidepoging.
    • Staat open voor farmacotherapeutische behandeling.

    Lichamelijk onderzoek

    • Beck Depression Inventory (BDI 2): 28 punten (2 weken geleden was de score 21 punten). De BDI gaat van 0 tot 63 punten; vanaf 29 punten spreekt men van ernstige depressieve symptomen.
    • Lichamelijk onderzoek: geen bijzonderheden.
    • Alleen afwijkende bevindingen zijn genoemd; overige bevindingen mogen als normaal worden beschouwd.

    Werkdiagnose

    • Matig ernstige depressie, niet reagerend op niet-medicamenteus beleid.

    Therapiekeuze en argumentatie (SMAK)

    Samenvatting

    • Mw. Zonderlans (45), matig ernstige depressie, 2 weken geleden voorlichting en dagstructuur; sindsdien verergerd.
    • Doodsgedachten zonder concreet plan; geen suïcidepoging; partner bevestigt verergering.
    • Staat open voor medicamenteus beleid; BDI-II 21 → 28.
    • Intoxicaties: alcohol 6 EH/week. Geen bekende allergieën.
    • Voorgeschiedenis: DM2, lage rugpijn. Medicatie: paracetamol 3 dd 1000 mg, naproxen 2 dd 250 mg, metformine 2 dd 500 mg.
    • Therapeutisch doel: remissie van depressieve symptomen, herstel van plezier en dagelijks functioneren; suïciderisico verlagen.

    Mogelijkheden

    Richtlijnen: NHG-Standaard Depressie en GGZ Standaarden — Depressieve stoornissen.

    Niet-medicamenteus

    • Continueer psycho-educatie, dagstructuur en activerende begeleiding.
    • Verwijs voor psychotherapie (CGT of IPT); gelijkwaardige effectiviteit, kan gecombineerd met farmacotherapie.
    • Leefstijl: beweging, slaaphygiëne, alcoholmatiging (huidige 6 EH/week is beperkt maar advies blijft matigen of stoppen tijdens depressie).
    • Vangnet: bespreek suïcidaliteit herhaald; afspraak contact op te nemen bij verslechtering; betrek partner.

    Medicamenteus

    1. Start een SSRI als eerste keus: citalopram, escitalopram, fluoxetine of sertraline.
    2. Alternatief TCA bij patiënt die daar eerder goed op reageerde of uitgesproken voorkeur heeft.
    3. Evalueer na 4-6 weken:
      • Bij gedeeltelijke respons: verlengen tot 10 weken en/of dosering verhogen.
      • Bij geen respons: overstappen op een ander SSRI; wisselen tussen escitalopram en citalopram is niet zinvol (zelfde enantiomeer).
    4. Bij opnieuw geen respons na 4-6 weken: heroverweeg diagnose en verwijs naar GGZ.
    5. Voeg een PPI toe bij verhoogd risico op maagcomplicaties (hier: SSRI + naproxen).

    Argumentatie

    Effectiviteit

    • SSRI's en TCA's zijn gelijkwaardig effectief bij matig ernstige depressie; SSRI heeft gunstiger bijwerkingen- en veiligheidsprofiel en is daarom eerste keus.
    • Effect pas te verwachten na 2-4 weken, volledige evaluatie na 4-6 weken.
    • Combinatie met psychotherapie geeft bij matig-ernstige depressie meerwaarde ten opzichte van monotherapie.

    Veiligheid & geschiktheid

    • Geen combinatie met MAO-remmers, met TCA's clomipramine of imipramine, of met tramadol → risico op serotoninesyndroom.
    • SSRI + NSAID (naproxen): verhoogd risico op GI-bloedingen → volg NHG-Behandelrichtlijn Preventie van maagcomplicaties door geneesmiddelgebruik en voeg PPI toe, of overweeg rugklachten-analgesie te herzien.
    • SSRI + diuretica: risico op hyponatriëmie (SIADH), m.n. bij ouderen.
    • (Es)citalopram: dosisafhankelijke QT-verlenging; contra-indicatie bij relevant cardiaal risico (hartfalen, recent MI, bekende QTc-verlenging).
    • Metformine en paracetamol: geen relevante interactie met SSRI.
    • Zwangerschap/lactatie niet aan de orde; voorkeur zou sertraline of citalopram zijn.

    Keuze

    Niet-medicamenteus

    • Verwijs naar GGZ/basispsycholoog voor CGT of IPT.
    • Continueer dagstructuur, activeringsadviezen en partnerbetrokkenheid.
    • Maak suïcidaliteits-vangnetafspraak: direct contact bij toename gedachten of concrete plannen.

    Medicamenteus

    • Start citalopram tablet 1 dd 20 mg 's ochtends.
    • Zo nodig, mits goed verdragen, na 1-2 weken ophogen tot maximaal 1 dd 40 mg.
    • Voeg PPI toe (bv. omeprazol 1 dd 20 mg) gezien gelijktijdig NSAID-gebruik; bespreek naproxen-indicatie en afbouw indien mogelijk.
    R/ Citalopram tablet 20 mg
    S/ 1 dd 1 's ochtends
    Da/ 14 stuks
    

    Controle

    • Controle na 1-2 weken: verdraagzaamheid, suïcidaliteit, effect op slaap en eetlust; bij goede verdraagzaamheid kan dan worden opgehoogd.
    • Evaluatie effect na 4-6 weken met herhaalde BDI-II.
    • Bij remissie behandeling voortzetten minimaal 6 maanden; bij recidief 1 jaar; daarna afbouwen in overleg.

    Aanvullende vragen casus 1

    Copyright © 2026 Kaj Kowalski